Buikverhalen

Daar is ie dan. Het bewijs dat ik de afgelopen weken mijn carrière als draaiende meisjesvrouw redelijk succesvol weer heb opgepakt. Terwijl ik deze keer toch echt wat extra bagage mee moest torsen.

Voor de foto heb ik de rugzak die er eigenlijk bijhoort, en de grote lange statieftas maar even weggelaten. Die dikke buik kon ik niet in de auto zetten en dus moest ie mee hollen en rennen en klimmen.

Want de Koningin bezocht haar oude school in Baarn, en waar zij gaat, staan camera’s en fotografen. En waar die zijn, heb je ook persvakken, afzettingen en strenge voorlichters die aan je jasje trekken als je teveel je eigen gang gaat.

Nu zeggen jullie misschien: waarom laten ze haar die haastklussen draaien, terwijl ze bijna verlof heeft? Nou, omdat ze dat zelf heel erg graag wilde. Want de Koningin van heel dichtbij zien, dat blijft leuk. En bewijzen dat je ook een late klus nog aankan, terwijl je je eigenlijk al rollend over straat voortbeweegt – dat vind ik dan dus nog een mooie uitdaging voor mijn laatste draaidag.

En ook al had ik collega L. mee die behalve haar radiomicrofoon ook af en toe mijn statief voor me droeg, moest ik op de cruciale momenten gewoon zelf heel snel van hot naar her.

(Dat werkt zo: Koningin komt aanrijden, stapt uit de auto, vriendinnetjes kijken naar haar en praten over haar. Dat gebeurde zo’n beetje op drie verschillende plekken, met hekken daartussen dus. En als het snel moet gaan, kun je niet anders dan eroverheen klimmen. Anders heb je dat ene shot gemist. En dat kan natuurlijk niet. Alles voor het beeld.)

Ik vergat mijn buik dus eventjes voor zo’n anderhalf uur. Werkte prima.

Pas in de auto bedacht ik me dat er iets heel erg bols onder mijn A-lijn jasje zit. Twintig minuten pauze en daarna exact 1 uur en een klein kwartiertje om het hele verhaal te monteren aan mijn bureau.

En ook dat is gelukt.

Net als mijn andere verhalen die ik de afgelopen weken heb gedraaid. Daar had ik doorgaans wat langer de tijd voor en dus ben ik soms wel heel erg langzaam bij mensen naar binnen en naar buiten gelopen. Ik heb me soms laten chaufferen (maar lang niet altijd) en ook collega’s thee of chocolademelk laten halen. Waarvoor alsnog mijn dank op deze plek!

Omdat ik donderdag nog maar één dagje te gaan heb en die rustig en kalm achter een bureau zal doorbrengen, hier nog even mijn (niet geheel compleet) lijstje met mijn dikkebuikverhalen.

De dikke buik gaat nu rusten.

En de camera even naar zolder.

Ik word er nog goed in ook

Mijn overgrootoma zou trots op me zijn. Daar werd ik vroeger altijd wakker van een ratelende naaimachine naast mijn oor. Ze had maar twee kamers, en de slaapkamer was tevens de naai-, stoffen- en knopenkamer. Waar ze geld verdiende met het verstellen van broeken en rokken.

Kleren ga ik me niet aan wagen, maar met een oude naaimachine ben ik inmiddels best bedreven in het fabriceren van rechte naden. En ook stoffen op maat knippen gaat steeds makkelijker. (Ritsen, die zijn echt heel lastig, kan ik nu uit ervaring zeggen. Maar nog een stuk of vijf, en ook dat kost me geen moeite meer…).

Nu ik wat meer uren thuis te besteden heb, kan Max eindelijk van zijn eigen überhippe en echte Berlijnse Straßenbahn-kussen genieten.


Is het gelukt om van die andere wonderbaarlijk mooie stof een kussenhoes te naaien.


En is zelfs het boxkleed met twee verschillende stofkanten mooi geworden. Met dank aan Frau Tulpe en de behulpzame dames van deze winkel.


En met dank aan mijn brein, mijn oude machine en mijn vingers, die me gek genoeg bij dit soort nieuwerwetse craftingdingetjes niet in de steek laten (zo heet dat namelijk tegenwoordig: dingen met de hand zelf maken. Crafting. Klinkt toch een stuk leuker dan ‘handarbeid’, dacht u niet?)

Ik leer het sneller dan ik dacht.

De laatste weken

Druk was het. Dit afgelopen half jaar.
36 uur eindredacteur. Max. Op en neer van Doetinchem naar Utrecht. En vriend J. vijf maanden gedetacheerd in Amsterdam. Dus weg van maandag tot vrijdag.

Ik heb één vaste oppas versleten en heb onze andere 14-jarige oppas best blij gemaakt met heel wat extra centjes.

Vriendinnen ging ik voornamelijk mailen of bellen. En af en toe wél zien – maar dan met twee extra oppasuurtjes en wat schuldgevoel in mijn maag.

Mijn weblog bijhouden? Dat werd even minder belangrijk. De avonden eindigden meestal heel gauw met een warm bad en een paar bladzijdes op bed.

Schoonmoeder 60 en oma 80 – ook met een overvolle agenda kan ik niet anders dan ook nog eens creatieve filmpjes verzinnen, draaien en monteren.

Druk, maar ook heel boeiend. Energiek. Want ik werd er amper moe van. En ging iedere dag opnieuw met plezier op pad. En omdat ik besloten had, me nergens druk over te maken en gewoon vrolijk te zijn, ging het wonderbaarlijk goed.

Ondertussen groeide de buik.

Nu, precies op het moment dat ie behoorlijk in de weg gaat zitten, komt alles in rustiger vaarwater. Vriend J. is weer iedere avond hier, de eindredacteursfunctie is afgeslankt naar een 24-uurs-combi eindredactie/verslaggeving. Zo kom ik ook weer eens buiten.

En mijn lijf lijkt het iets lagere tempo onmiddellijk te omarmen.

Ik waggel met mijn camera op de rug de trap op. Sjok naar mijn stoel en naar de koffieautomaat.
Hijs me op de voorstoel van de auto en lijk soms een hefboom nodig te hebben om er weer uit te komen. Vraag aan aardige stagiaires of ze mijn statief willen dragen. Of ze willen rijden. En of ze één keer extra willen lopen voor een beker water.

Hoe langzaam kan een mens worden? Nou, heel langzaam dus. En de kans is groot dat ik de komende maanden alleen maar trager word.

Nog twee weken werken – en hopelijk val ik daarna niet acuut in slaap.
Al zou het kind in mijn buik me dat in dank afnemen, gok ik zo.