Cuban cigars and more

Cuban cigars and more…….staan mij te wachten. Twee weken glip ik ertussen uit, samen met vriend J. Op tijd, net nu de storm verder richting Florida trekt. U weescht gegroet vanuit de lucht (12uur), en Fidel zwaait ook even mee. Voor het eerst in 18 jaar weer een beetje communisme opsnuiven. Lekker!

In hogere sferen

in het kader van horizonverbreding zijn vriend J. en ik gister met een oktoberzonnetje in een ballon gestapt. Met de wind mee, een hartverwarmende vlam boven ons hoofd en een heel land aan onze voeten. (blogger doet niet mee met het posten van plaatjes, dus klik hieronder maar…)
> Kijk maar!

Avondmaal

Elke keer hetzelfde. Avonddienst. Dat betekent: om vier uur ’s middags aanwezig, meestal tien minuten later op pad en dan na de eerste klus met een berenhonger terugkomen op de redactie.
Daar heeft het bedrijf iets op gevonden – onder het adres ://intranet/vreten krijgt de drukke avondverslaggever een heel lijstje met eettentjes te zien waar ‘ie zijn bestelling voor het avondmaal kan plaatsen. Wil je Spaans? Taco Mundo lijkt een optie. Wil je exotisch? Indisch of Surinaams. Italiaans? Bella Italia.

Ik heb al zoveel avonddiensten gedraaid dat ik het lijstje inmiddels uitgebreid heb kunnen testen. Met elke keer hetzelfde resultaat: de salami op de pizza zweet wel heel erg. En waar is de tomaat? Laat staan de basilicum die me was beloofd? De saus van de pasta is onderweg gaan stollen, lijkt het, zo’n dikke brij krijgen mijn smaakpapillen te verduren.

Okee, dan toch liever Indisch de volgende avond. Hoe heet is heet? Valt wel mee, zegt de collega die je nooit moet vertrouwen. Het blijkt zo scherp op mijn tong dat ik de rest van het eten niet meer proef. Nee, dan de burrito. Dat klinkt in ieder geval gezond. Is het ook! In ieder geval kan ik geen vet vinden in het weke, dichtgevouwen deegpakketje. Maar ik vind ook weinig andere dingen. Ergens zit iets dat op ham lijkt, met daarnaast bleke slablaadjes en ijskoude stukjes tomaat. Überhaupt is die hele burrito ijskoud – dat hadden we toch niet afgesproken?
Toch ben ik elke avond tien euro kwijt. Gelukkig deelt mijn baas in de kosten, maar ja, mijn maag is ontstemd. Dit kan toch niet alles zijn op het gebied van de foodwereld die ‘bestellen’ heet?

Inmiddels heeft de traiteur op de hoek me verlost van de eindeloze vette en slappe hapjes. Mits er tijd is (waarom hebben we het ‘bestellen’ ook alweer uitgevonden?), haal ik daar nu mijn warme maaltijd. Die is vers bereid, ik kan de keuken inkijken en er zit ook echt groente bij, wow! En elke dag andere hoofdgerechten! Mijn geluk kan niet op.
Jawel! Want die ene avond zal er weer aankomen. Dat ik geen tijd heb om ook maar vijf minuten bij die traiteur te stoppen. En waar zijn ze dan? De eettentjes waar ik eindelijk GEZOND, VOEDZAAM en LEKKER fastfood kan bestellen? Dit is een oproep aan voedselproducerend Nederland: een gat in de markt! Opties ten over om hele bedrijven te voorzien van fatsoenlijk eten! Kom op!

(Mocht iemand toch iets gezonds weten in Utrecht, ik hou me aanbevolen voor de juiste telefoonnummers…)

> lees meer van dit soort ‘smaakverhalen’ op de nieuwe site www.goedesmaak.com!

Goeie ouwe…

…Weet u nog wat dat is? Een platenspeler? Al jaren stond ie op mijn verlanglijstje. Al jaren probeer ik te voorkomen dat moeders de oude platen in een grote container gooit. En onlangs heb ik ook een hele stapel meegenomen om in ieder geval mijn kinderplaten veilig te stellen. Daar staat nog ‘EVP 12,10 M‘ achterop. Alle kinderplaten kostten hetzelfde. Alleen muziekplaten hadden een hogere prijs: 16,10 M. Vervlogen tijden, geld dat niet meer bestaat, ik hecht er hier in het ‘buitenland’ erg veel waarde aan. Zoveel waarde dat ik inmiddels met twee platenspelers thuis zit die allebei niet meer op de nieuwerwetsche radio passen. Vriend J. heeft alle kabels al losgehaald, maar tot nu toe zit er niets anders op dan de licht krakende zwarte schijven aan te sluiten op krakende oude minispeakers. Geen bass, geen treble. Maar het boeit me niet: ik kan platen luisteren!

Eet je ongans…

…of niet? Want hoe zit het nou eigenlijk – mag je ganzen eten? Ik herinner me niet anders dan dat vroeger met kerst gewoon en gans op tafel lag. Die kwam meestal van de boer, had een lekker vrij leven geleid, mocht ronddwalen en waggelen en hij smaakte ook altijd heel goed. Maar hoe zit het met wilde ganzen?

Een beschermde diersoort, die alleen met vergunningen en bij hoge uitzondering uit de lucht gehaald mag worden. Nou schijnt het dat we te maken hebben met een heuse plaag in Nederland. En dan mag je ze dus wel schieten. En opeten! Dat liet Proeverij De Pronckheer in Cothen afgelopen donderdag zien (en proeven) aan culinaire journalisten. Hele borden vol met donkerrood vlees, bereid door een topkok, geserveerd met wijntjes. Rond lunchtijd. Dan laat ik me graag overhalen!

Wie er ook van smulde was Wouter Klootwijk, woonachtig op het platteland van Noord-Holland, en bekend van zijn uitvoerige speurtocht naar lekker eten. Hij bevestigde dat hij de beesten elke dag in zijn achtertuin ziet vliegen en als het er nou zoveel waren, dan konden we ze net zo goed opeten…

Daar dacht de Partij van de Dieren wel even anders over. Terwijl de mannen met pakken en vlinderdasjes en ik ons tegoed deden aan rosbief, paté en andersoortige plakjes wilde gans, vergezeld van smakgeluiden en luidruchtig ‘mmmhhh, wat lekker’, zwaaiden de activisten buiten met spandoeken en knuffelganzen.

Dit kon niet. Beschermde ganzen afschieten en dan ook nog het eten ervan promoten: “Ze proberen de mensen wijs te maken dat taai ganzenvlees lekker is. Zo creëer je een behoefte die er helemaal niet is. En bovendien: vroeger aten alleen maar arme mensen gans. Dus het kán niet lekker zijn.”

Vooral het laatste argument ging steken. Daarom aten wij vroeger aan tafel dus gans met kerst? Omdat mijn oma en opa maar simpele boeren waren? Arm en geen verstand van eten? Nog steeds vind ik de gerechten van oma en overgrootoma de lekkerste van de wereld. Simpel, maar bereid met liefde en overgave. Zo kan ik niet meer koken in deze moderne tijd.

Dat laatste argument van de armoede veeg ik dus van tafel. En sluit me volledig aan bij Wouter Klootwijk, die met volle mond zei: “Plagen moet je opeten.” Kom maar op met die wilde ganzen!