Ost-, oh nee, Westalgie

Oh wat vond ik ze lief. En oh, wat vond ik ze mooi. Ze waren zo lekker knuffelbaar. En hadden zo’n mooi gezicht. En ze waren er in klein (voor om je nek) en in groot (voor in je schooltas). Sommige konden hun duim in de mond stoppen. En ik raakte ze altijd kwijt. En ze waren in Oost-Berlijn in 1985 alleen maar te koop in een ‘Intershop’, een winkel met westerse koffie en Haribo-Gummibärchen en lekkere kauwgomballen en en en…honderd andere zaligmakende en onbereikbare ‘Westsachen’ die je alleen kon kopen als je heel veel Ostmark tegen heel weinig Westmark had ingeruild. Zij woonden ook in die winkel. En gaven je zo’n lekker Intershop-gevoel als je weer buiten stond. En ik wist niet eens dat ze nu nog te koop zijn. Nooit meer gezien. Maar Luna heeft ze allemaal! Ze lopen gewoon door Amsterdam!

Geld = op?

En je wilt toch nog op vakantie? Ga dan even hier kijken met wie je nog allemaal goedkoop mee kan rijden…Het criminaliteitsgehalte is niet gecheckt, maar met een klein beetje vertrouwen in de mensheid…

Lekker snuiven


Het kan ook altijd nog gekker. De Japanners verkopen pure zuurstof in blikjes en bouwen er zelfs kabines omheen, maar de Oost-Duitsers doen weer eens nostalgisch en gaan stank verkopen:

Trabi-Duft aus der Dose
Unternehmer will Abgase zu Geld machen
Die «Ostalgie» in Deutschland treibt immer buntere Blüten: Ein ostdeutscher Unternehmer will den Gestank der DDR-Autolegende «Trabant» zu Geld machen. Er bietet Abgase aus der Dose feil.

Keine Geschäftsidee scheint ausgefallen genug, um die ehemalige DDR und ihre Produkte zu vermarkten. Der 33-jährige Thorsten Jahn aus dem brandenburgischen Eisenhüttenstadt verkauft seit kurzem in Blechdosen Abgase eines «Trabi». Der beträgt Stückpreis von 3,98 Euro.
Den «Duft» der Autolegende aus DDR-Zeiten vertreibt Jahn übers Internet. Bis nach Italien hat er bereits Dosen mit dem stinkendem Inhalt geschickt. Mit der kuriosen Geschäftsidee wolle er den in der DDR ständig präsenten Geruch der «Trabis» vor dem Vergessen bewahren, so Jahn.
Die Methode zur Herstellung der Geruchsdosen dürfte Jahns Nachbarn ebenfalls an den real verblichenen Sozialismus erinnert haben: Vier Tage lang liess er einen Trabi auf dem Hinterhof laufen. Ein Mitarbeiter hielt an einer langen Zange Wattebäusche ans Auspuffrohr. Waren diese ausreichend abgasgetränkt, stopfte er sie in Dosen und verschweisste sie.

Via Zwitserland. En Mandarijn.

Wielerkenner worden?


Dat kan! Via deze site. Gevonden via dit weblog. Van ene Bert Wagendorp, journalist te VK. Die ik gisteren toevallig samen met de schrijvers van dit log op De Parade te U. heb mogen signaleren. Trouwens waren er meer BN’ers. Een slanke Y. van ’t H. met zoon en een kleine C. de B. die zelfs tot laat in de regen nog volhield.
Na al dit BN-gehalte en veel rosé toch maar lekker ’s avonds tegen vriend J. aangekropen. Het eigen bed is weliswaar nog het lekkerste. (Begon deze post niet met wielrennen?)

Konijnenzomer


’s Zomers schijnen mensen hun konijn vrijheid te willen geven door het dier in het dichtsbijzijndste stadsbos uit te zetten. Maar omdat nijnlief dat helemaal niet als vrijheid ervaart, maar eerder dreigt te worden opgegeten door honden of katten, komt de Stichting Konijnenbelangenmet folders:

Een tam konijn kan zichzelf niet redden in de natuur. Ze hebben vele vijanden, denk maar eens aan honden, katten, vossen, kraaien, bunzings en wezels. Tamme konijnen zijn daar niet voldoende voor op hun hoede en worden zo gemakkelijk een prooi. Verder is er het gevaar van onder een auto komen, voedselgebrek, ziekten en sterven door de kou. Tamme konijnen kunnen namelijk niet zo goed holen graven als wilde konijnen.

Dus schreeuwt jouw konijn om vrijheid, breng hem dan naar de kinderboerderij!

Geen boesh-boesh en toch leuk

Vriend J. en ik hadden heel onconventioneel een pakket-reis geboekt naar een (ja, zucht) Canarisch eiland. Menig Nederlander weet hoe het er aan toegaat bij een vlucht-appartement-introductiedag-all-innetje, maar vriend J. en ik hadden daar van tevoren niet zo over nagedacht (omdat de vakanties anders altijd beginnen en eindigen in de auto en daartussen zitten heel veel kilometers en een klein tentje)…
Dus de eerste dag was zo enorm wennen dat we bijna gezworen hebben om dit soort reizen nooit meer te boeken. Heel veel hotellerige betonwoestijn in een nog grotere rotsige droge woestijn waarin wij ons regelmatig afvroegen hoe de oer-inwoners daar toch kunnen overleven (het enige dat in het zuiden groeit als kool, zijn cactussen– au!). De reclameborden en de architectuur van 30 jaar geleden, zonverbleekte panelen en fadsige witte Engelsen die aan het eind van dag één kreeftrood van het strand afkomen. Maar 5 dagen later (waarvan drie met een geweldig mini-jeep met zelfgebouwd dakje tegen de brandende zon) en heel wat bochtjes verder (vriend J. is opgehouden ze te tellen) hadden wij een vreselijk leuke week.

Met in aansluiting daaraan nog een ouderwetsche Nederlandsche korte kampeervakantie. Rust, stilte, blote voetjes in het gras en genieten maar. Tot de regen ons inhaalde.